Historiek

Hoe dit roekeloos avontuur is begonnen ?

Hermes atletiek is in Oostende een begrip. De club werd in het jaar 1948  opgericht door Jozef Verhelle. De vooruitziende man besefte toen reeds het belang van de integratie van sport en spel in het opvoedingssysteem van jonge mensen. De opgekropte vitaliteit kan na de lessen volop opbruisen in de hevigheid van het spel. Attitudes als kameraadschap, fair-play, en bescheidenheid in het succes worden erdoor ontwikkeld.

Op 9 november 1948 leverden de Hermesjongens hun eerste atletiekprestaties in de oefencross van Le Soir. In dezelfde periode verscheen het eerste nummer van de wekelijkse Hermesberichten.

Begin 1949 kocht dokter Maecenas E. Merlevede de terreinen langs de Torhoutse Steenweg aan en stelde deze ter beschikking van Hermes. Een maand later werd reeds met de aanleg van de piste gestart. De inhuldiging van de piste en het clubhuis had plaats op 29 mei 1950.

Stapstenen in de jonge hermesgeschiedenis

Reeds vanaf de beginperiode kende de club bij de heren een groot succes. In 1950 prijkte de herenploeg reeds in de gewestelijke afdeling. Slechts negen jaar na de officiële oprichting mocht Hermes reeds in 1ste nationale afdeling uitkomen. Bekende namen uit de beginjaren waren o.a. J. Fiddes, H. Stubbe, E Desmet, G. Van De Velde, J. Vermeire, G. Lanckriet en P. Bultiauw die in 1957 Belgisch kampioen tienkamp werd.

In de jaren zestig bengelde de club steeds tussen 1ste en 2de nationale afdeling.

Eind van de jaren zeventig waren “vette jaren” voor de club. Niet alleen kende de club een recordaantal nieuwe aansluitingen en vroegen meer dan driehonderd atleten een officieel startnummer aan, ook de sportprestaties mochten gezien worden. In 1978 werden de schiftingen en de finale in 2de nationale afdeling gewonnen en mocht Hermes vanaf 1979 meedingen in eerste afdeling. Hermes kon zich gedurende jaren in eerste bevestigen dankzij een sterke ploeg. Datzelfde jaar won Hermes de supertrofee Pétrole Hahn.

Onder impuls van Maria Kessels (nationale recordhoudster 800 m) en onder leiding van trainer Piet Bultiauw ontstond in 1958 een meisjesafdeling die vlug opgang maakte. Het duurde wel nog tot 1970 voor aan de interclubkampioenschappen werd deelgenomen.

Op 26 juli 1986 liepen I. Delagrange, R. Berg, G. Van Massenhove en L. Milo het Belgisch record op de 4 x 800 m in een tijd van 8’36”4, een record dat nog altijd op de recordtabellen vermeld staat.

Elke club schrijft ook zijn ook zwarte bladzijden. Inderdaad de afscheuring van RACO (Rebels atletiekclub Oostende) betekende in 1975 een zware dobber voor Hermes, in het bijzonder voor de damesafdeling. Niettemin kon Hermes zich vlug herpakken: in de periode 1976-1978 sloten er zich jaarlijks niet minder dan 120 nieuwe atleten aan bij Hermes.

Na een terugval in de jaren tachtig zien we sinds enkele jaren terug een sterke toename van het aantal nieuwe aansluitingen.

Tweemaal liep Hermes gevaar zijn vertrouwd nest te verliezen. Een eerste maal (1972-1973) toen de familie Merlevede het Hermesdomein te koop stelde. Gelukkig werd na een zware perscampagne het stadion op 10 april 1973 door de staat aangekocht. In 1976 werd een 6-banen piste in rubcor 80 aangelegd en het clubhuis gerenoveerd. Voortaan werd het gerund en onderhouden door het BLOSO als Rijkssportcentrum. Een tweede keer dreigden onweerswolken toen het BLOSO wegens “rationalisatie” het Rijkssportcentrum opgaf. Het Oostendse stadsbestuur onder burgemeester J. Goekint deed de nodige stappen bij de Vlaams Gemeenschap om het domein en de accommodatie in erfpacht over te nemen. Het Rijkssportcentrum werd omgedoopt tot “Stadion J. Verhelle”. In 1998 zorgde de stad Oostende voor een nieuwe volwaardige atletiekbaan.

Sinds eind vorige eeuw meer belang aan vrijetijdsbesteding en het recreatieve wordt gehecht kon Hermes niet achterblijven. Elke zondag verzamelen tientallen recreatieve lopers op het J. Verhellestadion voor een gezondheidsloop in het hinterland.

De Wellingtonaflossingen

Op paasmaandag 22 april 1957 weerklonk voor de eerste maal het startschot voor de Wellingtonaflossingen. In totaal kwamen 365 atleten (uitsluitend heren) aan de start in drie wedstrijden: wedstrijden met ploegen van 15 man in de reeksen kadetten-scholieren, juniores-seniores B en juniores-seniores A gaven mekaar partij. Racing Brussel met Roger Moens en de in 1954 gevluchte Hongaarse wereldrecordhouder op de 1500 m, Iharos, schreven de eerste overwinning op het palmares.

In 1972 werden voor het eerst ook wedstrijden voor dames op het programma ingeschreven.

In 1973 nam Daring Leuven de draad weer op met een reeks van zeven opeenvolgende overwinningen. Niemand minder dan Gaston Roelants, Emiel Puttemans en Andre De Hertoghe vormden de kern van de ploeg.

Vanaf 1973 vonden ook de Britten de weg naar Oostende. De Londonse eredivisieclub Blackheath Harriers werd vaste klant op de Wellington. Zij zorgden er voor dat Hermes in de jaren tachtig geregeld op internationale interclubwedstrijden in Chrystal Palace werden uitgenodigd.  Een ervaring!

In 2005, na 49 organisaties, kwam als gevolg van de renovatiewerken op de Wellingtonrenbaan abrupt een einde aan deze unieke aflossingswedstrijd.

Zonder honderden benevole medewerkers en zonder de steun van het Oostends Stadsbestuur, het BLOSO, het bestuur van de Wellingtonrenbaan en vele sympathiserende firma’s en Hermesfans zou een dergelijk evenement nooit mogelijk zijn geweest.

Sterk dankzij continuïteit in het bestuur

In 1951 vinden we Jozef Verhelle als algemeen voorzitter van het vierledige Hermes, met Maurice Hoornaert als algemeen schatbewaarder, Maurice Lefevere als algemeen secretaris met een raad van bestuur.

In de afdeling atletiek doet oud K.V.G.O. atleet Roger Tytgat zijn intrede eerst als atleet, weldra als secretaris (1949) om uiteindelijk in 1969 (tot 1989), als opvolger van Jozef Verhelle, voorzitter te worden van “zijn club”. Hij gaf de fakkel door aan dokter Marc Goethals.

Hermes atletiekclub stond en staat nog steeds sterk dankzij de continuïteit in zijn bestuur.

Naast Roger Tytgat, bijgestaan door zijn dochter Vilja, stond de figuur van Albert Dillen, schatbewaarder en organisator van Hermes atletiek (1951-1979). Hij vervulde die taak met veel toewijding en nauwgezetheid, vader “Dillen” was het levend geheugen van de club.

Roger Eyland was ondervoorzitter van 1954 tot 1989 en vertegenwoordigde Hermes in provinciale en nationale comités.

Hermes atletiek anno 2017

Actueel telt Hermes niet minder dan 400 actieve leden,  recreanten, competitieatleten, trainers, bestuur en juryleden. 

Hermes atletiek heeft ter gelegenheid van haar 50-jarig bestaan een fotoboek uitgeven.